... / ... / ... / Behandeling / Medicijnen

Medicijnen

Sommige medicijnen krijg je direct, om te genezen of erger te voorkomen, en sommige krijg je om nieuwe herseninfarcten te voorkomen. Tijdens de opname is soms behandeling met middelen om trombosebenen te voorkomen nodig, "low molecular weight heparin" genaamd. Verder krijgt een patiënt vaak middelen pijn te bestrijden, maagzuur te remmen, middelen tegen misselijkheid en middelen om de stoelgang te bevorderen.

Patiënten met een herseninfarct worden verder behandeld met medicijnen die de bloedplaatjes, die verantwoordelijk zijn voor de bloedstolling, afremmen. Zo verkleinen we direct de kans op een nieuw herseninfarct. De plaatjesremmer, clopidogrel, of soms Aspirine® (Ascal®, acetyl-salicylzuur) gecombineerd met dipyridamol) moet het hele verdere leven worden geslikt. Het risico op bijwerkingen van clopdiogrel of aspirine is voor de meeste mensen heel gering, er is een geringe kans op blauwe plekken of kleine bloedingen. Dit risico is veel kleiner dan het gunstige effect van de plaatjesremmers. Dipyridamol wil nog wel eens hoofdpijn geven. Dat kan een reden zijn om over te stappen op clopidogrel.

Verder krijgen alle patiënten een statine voorgeschreven. Dit is een middel dat de aanmaak van cholesterol door het eigen lichaam remt. Cholesterol is een sterke  factor bij het ontstaan van atherosclerose ofwel aderverkalking, de belangrijkste oorzaak van herseninfarct.  Maar de statines hebben ook andere werkingen die gunstig zijn voor patiënten, b.v. op de wand van de bloedvaten. Bijwerkingen kunnen bestaan uit lichte spierpijn. Soms helpt het dan om een ander soort statine te gaan gebruiken.

Een heel belangrijke groep medicijnen zijn de bloeddrukverlagende middelen. Ongeveer twee derde van de patiënten met een herseninfarct heeft een chronisch te hoge bloeddruk. Verlagen van de bloeddruk met medicijnen is een van de beste manieren om het risico op een nieuw hersen- of hartinfarct te verkleinen. Ongeveer een kwart van de patiënten met een herseninfarct heeft suikerziekte. Vaak gaat suikerziekte gepaard met hoge bloeddruk, overgewicht en te hoog cholesterol. Behandelen van de suikerziekte met medicijnen kan het risico op nieuwe herseninfarcten terugbrengen.

Patiënten met een hersenbloeding zullen natuurlijk geen bloedverdunnende middelen krijgen. Ook een statine wordt meestal niet voorgeschreven omdat bij patiënten met een hersenbloeding een verlaagd cholesterol het risico op nog een hersenbloeding vergroot. Bloeddrukverlagende middelen worden echter wel voorgeschreven, omdat hoge bloeddruk een belangrijke oorzaak van hersenbloedingen is.

Wie meer wil weten over bepaalde medicijnen kan terecht bij de eigen apotheek, maar ook bij de medicijnwijzer van de consumentenbond.