... / ... / Patiënten / Schildklierfunctiestoornissen

Schildklierfunctiestoornissen

De schildklier is een klein orgaan onder en voor in de hals dat het hormoon thyroxine (schildklierhormoon) aanmaakt. Dat hormoon is als het ware het gaspedaal van de stofwisseling.

Teveel (hyperthyreoïdie) en tekort (hypothyreoïdie)
Hoe meer thyroxine de schildklier aanmaakt, des te sterker is de verbranding van koolhydraten en vetten en des te meer eiwit wordt er in het lichaam aangemaakt. Ook nemen de hartslag en snelheid van de ademhaling toe wanneer de hoeveelheid schildklierhormoon stijgt. Patiënten met teveel schildklierhormoon (hyperthyreoïdie) kunnen onder andere klachten hebben van gewichtsverlies, warmteintolerantie, hartkloppingen en gejaagdheid. Een tekort aan schildklierhormoon (hypothyreoïdie) kan aan de andere kant leiden tot gewichtstoename, lusteloosheid, het voortdurend koud hebben en traag praten.

Schildklierziekten kunnen we onderscheiden in schildklierfunctiestoornissen en schildklierknobbels (schildkliernodi), welke goedaardig of kwaadaardig kunnen zijn.

Schildklierfunctiestoornissen
Bij schildklierfunctiestoornissen maakt de schildklier te veel of juist te weinig schildklierhormoon. Ziekten waarbij dit het geval is komen relatief veel voor. Ze kunnen meestal door de huisarts of de internist worden behandeld.

Het Schildkliercentrum richt zich wat betreft schildklierfunctiestoornissen  dan ook met name op patiënten met de oogziekte van Graves en op zeldzame afwijkingen in het metabolisme (de aanmaak en afbraak) van schildklierhormonen.