... / ... / ... / ... / Luchtweg / Kwaliteit van zorg voor patiënten met een...

Kwaliteit van zorg voor patiënten met een tracheacanule

.

Inleiding
Op alle afdelingen van het ErasmusMC kunnen patiënten met een tracheacanule zijn opgenomen. Deze patiënten hebben zeer specifieke zorg nodig. Als deze zorg niet adequaat wordt gegeven, kunnen levensbedreigende complicaties optreden. Met name op afdelingen waar slechts bij uitzondering patiënten met een tracheacanule worden opgenomen, lijken verpleegkundigen over onvoldoende kennis en kunde te beschikken. Dit kan leiden tot ontoereikende kwaliteit van zorg voor deze patiënten.
Om te onderzoeken hoe het met de kennis en kunde van de verpleegkundigen in het ErasmusMC is gesteld, hebben twee verpleegkundigen van de afdeling KNO onderzoek gedaan. Dit onderzoek is mogelijk gemaakt door de ErasmusMC Evidence Based Care by Nurses subsidie.
Het onderzoek bestond uit 2 delen:

Deelstudie 1: Een kennistoets voor verpleegkundigen van alle verpleegafdelingen voor volwassenen in het ErasmusMC.

Deelstudie 2: Gedurende een half jaar werd er bij elke patiënt met een tracheacanule die in het ErasmusMC was opgenomen de kwaliteit van canulezorg gemeten met behulp van een checklist.


Resultaten

Deelstudie 1: Kennistoets
De online kennistoets werd gebaseerd op de protocollen voor canulezorg te vinden op het Kwaliteitsinformatiesysteem. De kennistoets werd door 432 (50%) van de 863 uitgenodigde verpleegkundigen gemaakt.
De toets bestond uit 13 vragen, waarvan 4 "rode vlag vragen": het fout beantwoorden van deze vragen kan in de praktijk betekenen dat het gebrek aan kennis leidt tot een potentieel levensbedreigende situatie. Om voor de toets te slagen, moesten alle rode vlag vragen correct zijn beantwoord. In figuur 1 staan de resultaten van de antwoorden op 2 van deze rode vlag vragen.


Figuur 1 Percentage correct beantwoordde rodevlag vragen per type afdeling

figuur1.jpeg


Vragen:
1.Welke veiligheidsmaatregelen moeten aanwezig zijn bij de patiënt met een tracheacanule?
2.Hoe handelt u bij een acuut bedreigde luchtweg?

Van de KNO-afdelingen slaagde 57% van de verpleegkundigen, van de IC-afdelingen 11,9% en van de overige afdelingen slaagde 3,8% van de verpleegkundigen.
Hiermee werd duidelijk dat er met name op bepaalde gebieden nog veel lacunes in de kennis zijn. Tevens bleken er grote verschillen tussen de afdelingen te zijn in het aantal patiënten met een tracheacanule dat werd opgenomen. Dit leidt uiteraard tot grote verschillen in ervaring met de zorg voor deze patiëntengroep.


Deelstudie 2: Observatie
Op basis van literatuur en bestaande canulezorgprotocollen is een checklist opgesteld die de kwaliteit van de canulezorg meet. De researchverpleegkundigen hebben een halfjaar lang alle patiënten met een tracheacanule in het Erasmus MC geobserveerd. Hieruit bleek dat de verpleging op de niet-KNO afdelingen zich onbekwaam voelt, geen ervaring en kennis heeft over canulezorg en dat er regelmatig complicaties en onveilige situaties ontstaan. Ook verblijven patiënten geregeld langer op de IC-afdeling, omdat er verpleegafdelingen zijn die patiënten met een canule weigeren. Zie figuur 2.
Overigens werden geen ernstige complicaties geconstateerd.


Figuur 2 Knelpunten voor verpleging

figuur2.jpeg

Conclusies en Aanbevelingen

De zorg voor patiënten met een tracheacanule is niet optimaal. Met name op afdelingen waar de ervaring beperkt is, blijkt de kennis eveneens beperkt.

Om de zorg te verbeteren moet een structurele oplossing worden gevonden voor de geconstateerde problemen en knelpunten, bijvoorbeeld in de vorm van een Erasmusbreed canuleteam of consulentfunctie.

Naar aanleiding van dit onderzoek is per 1 maart het Canuleteam 8 midden gestart. Zie verdere informatie op de ErasmusMC-site onder afdeling KNO – kop ‘Canuleteam’.
Het volledig eindverslag EBCN Kwaliteit van tracheacanulezorg is op te vragen bij het:
wetenschapsadviesbureaukno@erasmusmc.nl