VKORC1

Bepaling

VKORC1 genotypering
Varianten: -1639G>A (1173C>T)

 

Klinische informatie
De vitamine K antagonisten warfarine, acenocoumarol en fenprocoumon grijpen aan op het vitamine K epoxide reductase complex 1 (VKORC1). Op basis van het –1639G>A DNA polymorfisme kan een lage (-1639AA), intermediaire (-1639GA) en hoge (-1639GG) doseringsgroep worden onderscheiden. In de klinische praktijk worden de intermediaire en hoge doseringsgroep (ongeveer 80% van de populatie) aangeduid als NORMALE gevoeligheid. Het -1639AA genotype past bij een hoge sensitiviteit voor coumarines:  93% van de blanke bevolking met verhoogde gevoeligheid voor coumarine derivaten blijkt het –1639AA genotype te hebben. Dit –1639G>A polymorfisme is gekoppeld aan het 1173C>T polymorfisme (-1639AA = 1173TT): beiden worden in de literatuur gebruikt. Samen met het CYP2C9 genotype, leeftijd en lengte, voorspelt het VKORC1 genotype ca  50% van de variatie in de coumarine dosering.

 

NB: deze test is niet geschikt om coumarine-resistentie te onderzoeken, daar is een andere test voor. 

 

Methode

Duplo analyse (QuantStudio, INFINITI) op -1639G>A (1173C>T).

 

Materiaal
EDTA-bloed (4 mL). Opslag in koelkast (max. 5 dagen), verzenden kan bij kamertemperatuur. DNA isolatie ook mogelijk uit wangslijmvlies. DNA wangslijmvliesafname kit wordt op verzoek (aangekruist op aanvraagformulier) verstuurd naar adres van patiënt.

 

Gevoeligheid en beperkingen
De aanwezigheid van andere, zeldzamere mutaties kan niet 100% worden uitgesloten.

        

Referentiewaarden

De variant VKORC1 -1639G>A komt bij circa 90% van de Aziatische populatie voor, terwijl het percentage dragers bij de Caucasiers 40% is en 4% binnen de Afrikaanse populatie.

 

Bepalingsfrequentie

Wekelijks.

 

Literatuur
1. Reynolds 2007 Personalized Medicine.

2. Schalenkamp 2006 Clin Pharmacol  Ther